Online crowdsourcing is hot. Zo ook in Duitsland waar zich dezer dagen een ware revolutie in het politieke landschap voordoet. Een digitale revolutie welteverstaan. De Piratenpartij heeft bij de verkiezingen in de deelstaat Nordrhein-Westfalen een aantal weken terug 7,8 procent van de stemmen gekregen. In de landelijke peiling heeft die partij al op 13 procent gestaan. Met dit aantal is de partij virtueel de derde partij van het land, achter de klassieke tijgers CDU (christendemocraten) en SPD (sociaaldemocraten). De piraten hebben zelfs al een eerste burgemeester geleverd! Genoeg redenen dus voor de gevestigde orde om serieus rekening te houden met deze nieuwe digipolitici. En ook de Nederlandse politiek ziet in toenemende mate de kansen in van online crowdsourcing.
Politiek met een muisklik
Met een iPad in de hand – of een uitgeklapte laptop op lange tafels, zoals bij het recente partijcongres – maken de piraten zich onder meer sterk voor burgerrechten, directe democratie, de hervorming van het auteursrecht en octrooirecht, dataprivacy, transparantie en vrijheid van informatie. Via social media en onlineplatforms kan iedereen meepraten. Beleid ligt niet vast, maar is vloeibaar. Liquid feedback is dan ook een toepasselijke naam voor het platform waarop de leden discussiëren.
Piratenpartij als contra-politiek
In lijn met de grassroot anti-establishment identiteit van de partij werd op het congres besloten dat de politiek leider maar voor een jaar benoemd wordt. ‘Omdat vele wijzigingen aan de top ervoor zorgen dat het partijbureau in contact blijft met de achterban’, zo luidt de mening van vele aanhangers. De 41-jarige Bernd Schlömer zal het komende jaar de leiding hebben over de nog jonge partij, die toch al gekozen is in een aantal Duitse deelstaatparlementen.
Directe democratie in Nederland? SP, PvdA en G500
In ons land hebben de piraten nog weinig stof doen opwaaien. De Nederlandse Piratenpartij staat in de peilingen ‘slechts’ op 1 zetel. Nederland is vergeleken met een land als Duitsland dan ook al gezegend met een behoorlijke digitale politieke cultuur met hoge vrijheidswaarden. Bovendien komt het anti-establishment denken in Nederland in het bijzonder naar boven in de grote steun voor flankpartijen als de SP en de PVV. Los van de Piratenpartij is directe democratie via onlinemogelijkheden in Nederland zeker een hot issue.
Zo had de SP een speciale actiesite in het leven geroepen om het zorgdebat van input te voorzien en kon bij de PvdA iedereen via doemeemetdiederik.nl punten indienen voor de ‘Conferentie over de Toekomst van Nederland’. Een aantal ideeën zijn ook in het verkiezingsprogramma van de sociaaldemocraten opgenomen, zoals het inkomensafhankelijk maken van de zorgpremie en van de kinderbijslag. Toch zijn dat vooral punten die zonder dit initiatief ook wel in het programma terecht waren gekomen. Revolutionaire veranderingen hoef je dan ook niet te verwachten van een gevestigde partij bij een dergelijk initiatief. In dit kader blijft online-input vooral van symbolische waarde.
De recent gehouden Synthetronsessie van de politieke jongerenbeweging G500 lijkt in dat opzicht meer directe resultaten op te leveren. Dit omdat het programma van G500 tien basispunten kent die as we speak nog worden uitgewerkt in moties die bij de partijcongressen van CDA, VVD en PvdA zullen worden ingediend. Het is logisch dat er in een dergelijke start-upfase veel meer ruimte is voor online-input van leden. Bovendien zijn jongeren bij uitstek meer gericht op onlinemogelijkheden.
Public affairs en onlinepolitiek
Voor de publicaffairsprofessional is het in ieder geval zaak om ontwikkelingen in online crowdsourcing nauw te volgen. Nieuwe middelen bieden immers nieuwe kansen. Net zo klassiek als het indienen van hapklare brokken bij verkiezingsprogrammacommissies en informateurs kan het in de nabije toekomst van belang zijn om dit in te dienen op onlinefora. Of punten worden overgenomen, dat is altijd afwachten, maar is dat ooit anders geweest?